Waarom kregen alleen mannen profeetschap?

 

Een vraag die heel vaak gesteld wordt is: "Waarom kregen alleen mannen profeetschap?”

In hoofdstuk 12 vers 109, 16:43, 21:7 wordt gezegd dat mannen profeet beambte kregen. In hoofdstuk 16:43 van de Koran staat bijvoorbeeld: 

En wij zonden slechts vóór u mannen aan wie Wij een openbaring gaven – vraag daarom aan degenen die de vermaning bezitten als gij het niet weet – met duidelijke tekenen en geschriften. 

Wanneer wij de geschiedenis van de profeten bestuderen, moeten we concluderen dat profeetschap een heel zwaar en vermoeiend taak was. De profeten werden heel vaak blootgesteld aan gevaren en moeilijkheden. Sommigen moesten het zelfs met hun leven betalen en anderen werden vervolgd of gemarteld. Mensen die de Islam van een harde religie beschuldigen, vergeten dat profeet Jezus ook een heel zwaar leven hebt gehad, volgens de christenen wordt hij zelfs tot een god verklaard die door de vervolging van de mensen aan het kruis is gestorven.

Kortom de taak van de profeten vereiste geduld, standvastigheid, moed en lef en heel veel mentale en fysieke energie. En vooral standvastig geloof. De profeten moesten allerlei beproevingen ondergaan zonder door te slaan en te falen!

Als wij een profeet mochten kiezen, zou het voor ons heel moeilijk worden om de juiste persoon te kiezen.Want je zou van een eventuele kandidaat moeten weten, of hij de lef voor heeft, of hij standvastig is of sterk is, of dat hij het mentaal aan kan, hoelang hij het aankan en of hij niet zal doordraaien wanneer hijzelf of zijn volgelingen geëxecuteerd zouden worden.

Voordat keuze gemaakt kon worden, zouden wij de eigenschappen en de persoonlijkheid van een persoon heel goed moeten kennen. Maar dat kunnen wij niet, omdat alleen de praktijk deze eigenschappen kenmerken!

We moeten hierbij ook realiseren dat God het geloof van profeten met boven natuurlijke gebeurtenissen versterkte. Hij gaf hen wonderen en hielp hen met engelen zodat hun moed en geloof sterker werd en zij alles geduldig en bewust tegemoet konden gaan. Onze keuze zou meer een gok worden en gebaseerd zij op hoop.

Ondanks dit kan argumenteren dat vrouwen deze taak ook hadden aangekund, maar is dat wel zo?

God weet het beter

Laten wij bij deze onderwerp niet vergeten dat niet de mensen profeten hebben gekozen, maar God! En God weet wat Hij heeft geschapen en welke eigenschappen Hij in Zijn schepselen heeft gelegd. Hij heeft voor Zijn keuze totaal Zelf gekozen. Er is niemand die Hem geadviseerd heeft, dat heeft Hij ook niet nodig, Hij is verheven boven alles! 

Waarom konden vrouwen geen profeet worden?

God weet het beter, wij zouden met onze simpele geest een aantal redenen kunnen opnoemen. Laten we als eerst vooropstellen dat de vrouw in haar menswaardigheid absoluut niet minder is dan de mannen. En dat zij niet daarom de profeetschap aankon. Het heeft meer met haar schepping te maken!

1. De geaardheid van de vrouw.

De vrouw is van nature zacht en aardig, terwijl de mannen harder en woester zijn. De mannen zijn fysiek sterker en kunnen veel meer verdragen dan de vrouwen. 

2. Menstruatie periode .

De vrouwen kennen menstruatie periode, de hormonenwisseling hebben ongetwijfeld effect op haar geaardheid. De vrouw mag in haar menstruatie periode niet deelnemen aan het gebed en het vasten. Dit zou betekenen dat zij ook het gebed niet zou kunnen leiden. 

3. Zwangerschap.

In hoeverre zou een vrouw in haar zwangerschap opgewassen zijn tegen allerlei moeilijkheden die profeten hebben ondergaan. Een vrouw kan niet aan een oorlog deelnemen terwijl zij haar kind draagt. Zij zou geen weerstand kunnen bieden tegen allerlei gevaren in haar zwangerschapsperiode.

Profeetschap is een geerde taak, maar tegelijkertijd ook zeer moeilijk en zwaar.

Als God deze moeilijke taak aan de vrouw had opgelegd, had men kunnen vragen: "Waarom hebben de vrouwen zo’n zware moeilijke taak gekregen van God?”. Laten we niet vergeten dat maar een zeer klein gedeelte van de mannen voor deze taak geschikt waren. Als slot kunnen we zeggen, dat God van tevoren profetische eigenschappen in die mensen legde voor Hij hen aanstelde als profeten.